WELKOM OP TAKWERK.NL

verbindingstechnieken

 

De makkelijkste manier om takken aan elkaar te verbinden, is natuurlijk met spijkers of schroeven. Dit is een heerlijk directe manier van werken: je hoeft niet te wachten tot het hout droog is, je hoeft geen planning te maken, gewoon gelijk aan de slag. Boor wel gaatjes voor, anders wordt het spijkeren of schroeven erg zwaar en heb je kans op scheuren. Zorg dat je veel 'kruizen', of diagonale verbindingen maakt, zo krijgt je project meer stevigheid.

Een andere mogelijkheid is om pen-en-gatverbindingen te maken. Dit vergt wat meer tijd en planning en is over het algemeen steviger, je hoeft geen diagonalen toe te voegen. Het hout moet wel enkele maanden gedroogd zijn. Met een houtboor maak je eenvoudig de gaten. De pennen aan het uiteinde van een tak kan je met een goed zakmes naar de juiste diameter van het gat snijden. Zelf heb ik het zakmes weinig gebruikt, al gauw heb ik een aantal 'Veritas Tenon Cutters' besteld. Je zet ze op je boormachine en binnen een paar seconden 'schilt' het mes een mooie pen aan de tak. Superhandig! Nadelen: ze zijn vrij duur (ongeveer tachtig euro per stuk, afhankelijk van de maat), en ze zijn voor zover ik weet nog steeds niet in Nederland te koop; je zal ze online in het buitenland moeten bestellen (www.fine-tools.com). Ook zijn er bijna alleen Engelse maten leverbaar, dus bestel gelijk de bijpassende boren. De pen-en-gatverbinding lijm je met gewone witte houtlijm, dat is het sterkst. Gewone lijmklemmen kan je met onregelmatige, ronde takken niet gebruiken, spanbanden met ratel werken echter perfect.

Schroeven, spijkeren, pen-en-gat: elke methode heeft zo zijn voor- en nadelen. Ik gebruik ze alle drie, het is net wat bij het betreffende project past, soms gebruik ik ook meerdere methoden in één werkstuk.

Werkwijze en volgorde

Bij de meeste stoelen is de achterkant (rugleuning/achterpoten) het meest opvallende deel, die delen zoek ik het eerst bij elkaar. Daarna zoek ik materiaal voor de voorkant (voorpoten plus verbinders). Zo krijg ik een redelijk goed beeld hoe de stoel eruit gaat zien. Als ik tevreden ben, lijm of schroef ik eerst het achterdeel in elkaar, dan de voorkant.

Vervolgens bepaal ik de hoogte van de zitting en de diepte van de stoel, en verbind dan de voor-en achterkant met elkaar door middel van zes verbindende stokken. Kijk eventueel naar een 'gewone' houten stoel, je ziet dat de essentie hetzelfde is. Ik gebruik in het hele proces bijna geen rolmaat of duimstok; het belangrijkste is dat de verhoudingen goed zijn. Wit krijt is wel erg handig voor markeringen.

Zitting

De zitting maken kan best lastig zijn, het is niet altijd even makkelijk om uit te vinden wat het best bij de stoel past. Ik heb vaak goede ideeen voor een stoelzitting... totdat de stoel af is. Dan blijkt nog wel eens dat mijn oorspronkelijke idee niet werkt. Er zit dan niets anders op dan te gaan zoeken wat voor zitting er wél op moet. Meestal werk ik met een gestoffeerde zitting, maar ook daar zijn veel variaties in: de vorm en dikte van het schuim, de bevestiging van de stof, enzovoort. Het is een kwestie van heel veel dingen uitproberen. Naast stof kun je natuurlijk ook de meest uiteenlopende voorwerpen als zitting gebruiken: een stuk hout van je schutting, een oud kussen van je opa, je trouwjurk, een golfplaat, een vlag, een dweil, een gordijn, enzovoort.

Afwerking

Als een stoel klaar is, spuit ik deze eerst preventief in met houtwormverdelger en laat dit goed drogen. Voor elzenhout breng ik dan twee lagen deense olie op, daarna nog een waslaag. Geschild wilgenhout en berken zet ik alleen in een transparante was, aangezien een gelige olie- of waslaag geen mooi gezicht is op blank of wit hout. Dekkende verf in een mooi kleurtje kan natuurlijk ook! Transparante lak of vernis gebruik ik eigenlijk nooit, ik vind de laagopbouw niet mooi.

Werkplek

Ik heb altijd veel ruimte nodig als ik werk: overal liggen takken als ik onderdelen bij elkaar aan het zoeken ben. Mijn werkoppervlak moet dus groot zijn; zo groot mogelijk, oneindig het liefst! En dat kan ook. Er is namelijk een oneindig werkoppervlak: de grond. Werken op de grond vind ik ontzettend handig. Het liefst natuurlijk buiten in de zon, op een kleedje!

 

Bekijk hieronder een video van het hele maakproces; van het schillen van de takken en de constructie , tot de zitting en de afwerking.